Lid van de letterwoordjes-club

Zal ik het delen? Zal ik het niet delen? Zal ik het delen? Zal ik het niet delen?

*10 minuten hoveren over de publiceer-knop later*

Ik mag mijn lidkaart van de letterwoordjes-club gaan ophalen, want sinds vorige week (enfin nee, sinds mijn geboorte, maar nu staat het echt op papier) ben ik officieel een ADHD’er met een lichte vorm van ASS (da’s dan autismespectrumstoornis). Jepla, mijn eerste échte etiketjes in deze 6 jaar blind zoeken naar wat er nu eigenlijk allemaal mankeert aan mijn lijf. Ze verklaren niet alles (of misschien doen ze dat wel, maar heb ik nog niet alle linken gelegd), maar het is iets.

Nu de kogel na een traject van dik negen maanden eindelijk door de kerk is, zijn er twee stromingen in mijn hoofd. Aan de ene kant ben ik er rotsvast van overtuigd dat ik twee psychologen en een psychiater succesvol misleid heb en eigenlijk een doodgewone normalo ben en aan de andere kant is er een imaginair onderzoeksteam heel mijn geheugen aan het doorgraven om alle dingen die de afgelopen 31 jaar op de stapel ‘moeilijk mens’ terecht zijn gekomen, in het juiste dossier te klasseren.

‘Bang’ van vuurwerkknallen? Verrassend.
Al die rapporten met “wel ok, maar zou je niet eens studeren”? Wel wel wel.
Hekel aan feestjes en mensenmassa’s? Logisch.
Onverklaarbare woede-aanvallen? Schrap die ‘onverklaarbaar’.

Het zijn diezelfde interne stromingen die mij doen schipperen tussen ‘hou het maar stil, je hoeft van die diagnoses niet je identiteit te maken’ en ‘waarom zou je het niet delen, als dat letterlijk gewoon is hoe je brein in elkaar zit?’ Welke kant gewonnen heeft, weet ik zelf ook pas als deze post openbaar staat. Of niet.

Mensen vragen of ik blij ben nu ik het weet, maar daar ben ik nog niet uit. Ik ben voorlopig vooral moe. Moe van die mentale dossierbeheerders die mijn geheugen aan het herstructureren zijn, van maandenlang van afspraak naar afspraak leven en ondertussen de vragen maar blijven opstapelen, en van verplicht nadenken over hoeveel last anderen heel je leven lang van jou hebben gehad. Enfin, ik zou vooral een dutje kunnen gebruiken. Eentje van een paar dagen.

Als de chaos in mijn hoofd wat gaan liggen is (maar nooit helemaal, want ja, ADHD) hoop ik dat mijn nieuw verworven labeltjes mij gaan helpen om proactief te werken, in plaats van mij achteraf kapot te piekeren over waarom ik nu wéér zo moe ben. Maar ik hoop vooral ook dat ik door dit te delen weer een klein beetje ruimte creëer om niet altijd te willen kunnen wat de rest van de wereld lijkt te kunnen. Voor mezelf, maar ook voor de andere reizigers op de struggle bus.

Voilà, hop, ‘t is eruit. Carry on.

L.

Noot: ik kan en mag nu autistenmopjes maken en I will. U weze gewaarschuwd.

Het is een ogenschijnlijk zeer zachte hond met een gele muts op.
Ik heb ook een gele muts en ik zie er ook zeer aaibaar uit (maar ik zou het niet proberen want ik bijt.)

2 gedachten over “Lid van de letterwoordjes-club”

  1. Dan in ieder geval wel mijn favoriete lid van de letterwoordjesclub! Je hebt al maanden (maar eigenlijk jaren) hard gewerkt, het zal lonen! En alstublieft niet willen kunnen wat de zogenaamde rest van de wereld kan, want je bent net zo’n leuk wezen 😘😘😘

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.