De Vesten vs. Artis

Het is vandaag zaterdag, en zaterdag betekent tegenwoordig Evy-dag, superdikke fundag en ooit-doe-ik-dit-met-de-vingers-in-de-neusdag: zaterdag is Start To Run-dag! Nu wil het toeval dat ik vandaag niet in het gebruikelijke Amsterdam was, en dus ook niet mijn gebruikelijke toertje rond Artis kon lopen. Het toeval wilde namelijk dat ik vandaag in good old hometown Lier was (het toeval werd daarbij trouwens een handje geholpen door de Lot, zoals ik mezelf wel eens durf te noemen), dus moest ik naast mijn gebruikelijke looproute ook mijn grenzen verleggen. Nu zijn er in Lier niet zo veel loopopties, het is er -ruw geschat- 1.

De stadsvest is voor Lierse lopers zoals de AA is voor alcoholisten (althans dat denk ik, want tot op heden ben ik nog niet bij een AA-meeting geweest, en als dat wel zo was zou ik het jullie nog niet vertellen, aangezien mijn blog niet bepaald anoniem is). Zo vind je er ten eerste al lotgenoten, want ja, tenzij je graag de ring afloopt en onderweg wat verse uitlaatgassen inademt, slalomt tussen marktkramers, marktgangers en ongecoƶrdineerde boodschappenkarretjes vol vers fruit en kaas of aangestaard wordt door mensenkijkers op de terrassen, heb je eigenlijk geen andere keuze dan de vesten op te joggen.

Daarnaast krijg je er gegarandeerd steun, want mensen ontwijken lukt niet, en oogcontact mijden is lastig, aangezien je elkaar al van mijlenver ziet aankomen, niet in het minst door de fluorescerende accenten op sommige looptenues. Bijgevolg is een bemoedigende glimlach van een lotgenoot de standaard geworden. Soms zelfs geflankeerd door bemoedigende woorden, maar dat is waarschijnlijk enkel als je eruitziet alsof je elk moment van het pad af gaat zwalpen en ergens in een Nete terecht zal komen als niemand je wat moed inspreekt. Verder vind je op de vesten steevast de motivatie om verder te gaan, want er zijn (in mijn geval heel veel) mensen die sneller lopen, maar tegelijk krijg je ook het gevoel dat je echt heel erg goed bezig bent, want ja, er zijn altijd mensen die trager lopen.

Maar er is natuurlijk ook een keerzijde. Even wandelen onderweg? Geen bemoedigende glimlachjes meer voor jou, maar enkel scheve blikken. De Lierse lopers zijn onverbiddelijk. Het kan gaan van een verwijtende blik over ronduit uitlachen tot een teleurgestelde grimas van die positivo’s die je een halve toer geleden nog moed toeriepen, want ja, je loopt in cirkels (allez, in 1 cirkel, in mijn geval), dus ja, je komt wel eens dezelfde mensen tegen waarmee je tijdens de vorige korte oogontmoeting toch een kleine band opgebouwd hebt. Het Start to Run-principe (efkes lopen, efkes wandelen) is er dus ofwel nog niet ingeburgerd, ofwel niet geaccepteerd, en dat maakt het lopen in Lier voor mij voorlopig nog moeilijk, want die teleurstelling in de ogen van mijn kersverse lotgenoten, die is bijna niet te harden.

Tot slot geldt natuurlijk zoals voor de AA geldt, ook dubbel en dik voor de stadsvest: het laatste, maar echt het aller- allerlaatste wat je wil is iemand bekend tegenkomen en meewarige of ronduit geshockeerde blikken moeten incasseren. En ook dat is moeilijk in een niet zo wereldlijke stad als Lier. Ik wil dus alle Lierse Lopers oprecht bedankten voor de steun en motivatie, maar ik denk toch dat ik de stadsvest weer inruil voor Artis. Apies zijn nooit teleurgesteld.

L